Middels een modem worden informatiesignalen geschikt gemaakt om over een verbinding te transporteren. Meestal betreft het een dataverbinding tussen computers. De bekendste is de modem die gebruikt wordt voor internet. Deze vallen onder de noemer breedbandmodems. Er zijn verschillende modems. Een kabelmodem wordt via een coaxkabel aangesloten op de contactdoos in de wand, een DSL-modem wordt via een telefoonstekker op de contactdoos aangesloten. In de meeste gevallen moet je tussen de contactdoos en het DSL-modem nog een splitter aansluiten. Het ene signaal van de splitter gaat naar uw vaste telefoon, het andere signaal gaat naar het modem. In de meeste gevallen levert de internetprovider een modem met ingebouwde router.

Modems per contract verschillend

Consumenten kunnen ervoor kiezen om internet, of internet plus tv (2 in 1), of zelfs internet plus tv én (mobiel) bellen (3 of 4-in-1) –contracten af te sluiten bij providers. Ook heeft men keuzevrijheid als het gaat om de maximale downloadsnelheid en uploadsnelheid die geleverd wordt.

Omdat bij 2-in-1, 3-in-1 en 4-in-1 drie diensten over één modem moeten worden geleverd, verschillen de modems per gekozen contract. Een consument die kiest voor een internetcontract, krijgt een ander (minder uitgebreid) modem dan een consument die 3 diensten afneemt via dezelfde provider.